De adamsappel is het meest zichtbare deel van het strottenhoofd en is het meest duidelijk bij een man. Wanneer de adamsappel duidelijk zichtbaar is bij een vrouw, dan kan met een operatie de adamsappel verkleind worden. Deze operatie wordt een adamsappel reductie genoemd.De ingreep wordt uitgevoerd door een KNO-arts of, wanneer een uitgebreider gezichtsvervrouwelijkende ingreep wordt uitgevoerd, door een MKA-chirurg.

Wanneer kom je in aanmerking

Volgens de Nederlandse regelgeving kom je in aanmerking voor een adamsappelreductie wanneer de adamsappel in zij-aanzicht 5 millimeter of meer voor de zijkant van de hals uitsteekt. Wanneer de adamsappel minder dan 5 millimeter uitsteekt wordt het beschouwd als een cosmetische ingreep en wordt de ingreep niet vergoed. Om deze reden wordt er altijd een foto gemaakt van de adamsappel ter beoordeling van de grootte van de adamsappel. Er hoeft geen machtiging te worden aangevraagd als de adamsappel meer dan 5 millimeter uitsteekt.

Voorbereiding op de ingreep

Voorafgaand aan de operatie is het van belang om goed het kraakbeen te beoordelen en worden de verwachtingen ook goed besproken. Dit is vooral van belang omdat direct achter de adamsappel de stembanden liggen. Er moet op worden gelet dat er geen schade aan de stembanden ontstaat of aan de spieren die de stembanden op spanning houden. Wanneer de hals slank is, is het strottenhoofd meer zichtbaar. Het kan dan ook zijn dat de onderkant van het strottenhoofd (cricoid) zichtbaar is. Het cricoid kan en mag nooit verkleind worden omdat dan de stem niet meer de hoogte in kan.

Voorafgaand aan de ingreep wordt een logopedische beoordeling verricht en een opname van de stem gemaakt. Dit doen we omdat we problemen met de stem willen voorkomen, en omdat we ingeval van vragen na de operatie over de stem altijd willen weten hoe de stem veranderd is..

De operatie

De adamsappeloperatie (ook wel foutief een ‘tracheal shave’ genoemd – de trachea/luchtpijp wordt niet geopereerd) wordt uitgevoerd door een kleine snede in de hals. Deze snede wordt horizontaal geplaatst, bij voorkeur in een aanwezige huidlijn, of zo hoog mogelijk onder de kin. Het litteken is klein en uiteindelijk meestal vrijwel onzichtbaar omdat de huid over het algemeen goed geneest.

Na de snede in de hals worden de spieren die voor het strottenhoofd liggen naar de zijkant verplaatst en komt het kraakbeen van de adamsappel in beeld. Het kraakbeen wordt vervolgens met een mesje of een boortje verkleind. Daarna wordt de wond weer gesloten. Soms wordt een draintje achtergelaten om zwelling te voorkomen.

De ingreep wordt verricht onder algehele narcose. De gehele ingreep inclusief in slaap gemaakt worden en wakker worden duurt ongeveer 60 minuten.

Afbeelding met schets, tekening, diagram, wit

Voor de operatie

Na verwijdering deel adamsappel

beeld: Amsterdam UMC

Na de operatie

  • Eten en drinken: na de ingreep mag u gewoon eten en drinken
  • Stemgebruik: na de operatie is spreken toegestaan. Het kan zijn dat de keel stijf voelt of de stem wat zwaarder is (door de gebruikte beademingsbuis). De klachten kunnen tot 2 weken aanhouden. Blijft de stem langer dan 2 weken veranderd, dan is extra controle gewenst.
  • Pijn: de pijn na een adamsappelreductie is meestal goed te behandelen door 3 - 4 keer per dag 2 paracetamol (500mg) in te nemen.
  • Zwelling: zwelling in het wondgebied kan tot 1 à 2 dagen na de ingreep ontstaan. Het kan tot 6 weken na de operatie duren voordat dit is verdwenen.
  • Wondverzorging: haal een eventuele pleister er na 5 dagen af. U mag douchen, maar let erop dat u de eerste 10 dagen de wond niet nat maakt. Het litteken in de hals zal in het begin rood en gezwollen zijn. Herstel van dit littekenweefsel kan tot een jaar na de ingreep duren. Soms helpt een siliconengel om dit herstel te bespoedigen.

Complicaties

De belangrijkste complicaties die kunnen optreden zijn:

  • nabloeding: in dit geval is een tweede ingreep nodig om de bloeding te stelpen
  • infectie van het wondgebied: bij een infectie wordt gestart met behandeling met antibiotica
  • stemverandering: kortdurende stemverandering is veelvoorkomend (10%). Blijvende stemverandering is zeldzaam (<1%). Als blijvende stemverandering optreedt, is aanvullende logopedische behandeling aangewezen of moet een aanvullende stemverhogende operatie worden overwogen.
  • ontsierend litteken: in het geval van een ontsierend litteken kan dit in de periode na de operatie worden behandeld met o.a. siliconegel, corticosteroïden injecties, micro-needling of chirurgische correctie.