Kern
Kwaadaardige kraakbeenvormende bottumor; meest voorkomende primaire maligne bottumor bij volwassenen (>40 jaar). Onderscheid in conventioneel (graad 1 – 3), gededifferentieerd, mesenchymaal en helder-cellig subtype. Biologisch gedrag en prognose sterk graad-afhankelijk. Chemotherapie/ radiotherapie doorgaans niet effectief.
Aandachtspunten zorgpad
- Diagnostiek: Lokaal röntgenfoto en MRI van het gehele aangedane bot, op indicatie aangevuld met CT-scan.
- Disseminatie middels diagnostische CT-thorax.
- Bespreking MDO Bot- en Wekedelentumoren vóór behandeling.
- Multimodale behandeling: En-bloc resectie. Radiotherapie: in principe niet effectief bij conventioneel type; bij mesenchymaal chondrosarcoom of onvolledige resectie op indicatie. Systemische therapie: alleen bij gededifferentieerd of mesenchymaal subtype op indicatie.
- Bij gededifferentieerd chondrosarcoom: PET-CT met diagnostische long en inclusief extremiteiten voor stadiëring.
- Overweeg inclusie in (inter)nationale trials.
- Psychosociale ondersteunding aanbieden, maatschappelijk werk, psycholoog, huisarts.
- Jongeren en jongvolwassenen met kanker AYA ondersteuning.
- Fertiliteitspreservatie bij indicatie chemotherapie en/ of radiotherapie van of nabij voortplantingsorganen.
- Aandacht voor functioneel herstel en revalidatie na resectie.
Follow-up
- Bijlage C: 'Maligne zonder chemotherapie'.
- ACT/graad 1: follow-up conform schema 'ACT operatief' of 'ACT conservatief'.
- Graad 2–3 en gededifferentieerd: conform 'Maligne zonder chemotherapie' (minimaal 10 jaar).
- Lokale controle: röntgenfoto lokaal, op indicatie MRI (o.a. bij tumorprothese: MARS-protocol).
- Lange termijn: reconstructies worden vervolgd door orthopedisch chirurg.
- Longscreening: röntgenfoto thorax, op indicatie CT-thorax.
- Gededifferentieerd: PET-CT op indicatie.
 intercollegiaal - informatie-0.png)