Wat is het?

Een non-ossifying fibroom (NOF) is een goedaardige afwijking in het bot. Het is de meest voorkomende goedaardige botafwijking bij kinderen en jongeren. Op die plek zit bindweefsel in het bot in plaats van normaal botweefsel. Een NOF komt het vaakst voor rond de knie, in het dijbeen (femur) of het scheenbeen (tibia). De afwijking kan niet kwaadaardig worden en verspreidt zich niet naar andere delen van het lichaam. Meestal wordt een NOF vanzelf kleiner of verdwijnt het als het skelet is uitgegroeid.

Klachten

Meestal zijn er geen klachten. Vaak wordt een NOF bij toeval ontdekt op een röntgenfoto die om een andere reden is gemaakt, bijvoorbeeld na een blessure. Een grote NOF kan soms pijn geven of het bot verzwakken, waardoor het bot makkelijker kan breken.

Onderzoeken

Meestal is een röntgenfoto voldoende om de diagnose te stellen; de afwijking heeft een herkenbaar beeld. Op indicatie wordt aanvullend een MRI-scan gemaakt. Weefselonderzoek (biopsie) is meestal niet nodig.

Behandeling

Vaak is geen behandeling nodig, omdat een NOF meestal vanzelf kleiner wordt of verdwijnt als het skelet is uitgegroeid. Bij een grote afwijking met een verhoogd risico op een botbreuk kan een operatie nodig zijn waarbij de afwijking uit het bot wordt geschraapt; de holte wordt daarna zo nodig opgevuld met eigen bot of donorbot.

Controles

Vaak zijn geen of slechts enkele controles nodig. Bij twijfel of bij een grotere afwijking worden röntgenfoto's gemaakt totdat de afwijking voldoende is hersteld of het skelet is uitgegroeid.

Chondrosarcoom (ORPHA 55880) | Amsterdam UMC