Informatiefolder over borstvoeding

Inleiding

Het is niet altijd duidelijk of je bij bepaalde medicatie borstvoeding mag geven. Onnodig vaak worden moeders die een bepaald medicijn (moeten) gebruiken afgeraden om borstvoeding te (blijven) geven. Men neemt vaak het zekere voor het onzekere omdat men niet weet wat de invloed is van het medicijn, of van zijn afbraakproducten, op de kwaliteit van de moedermelk of op de zuigeling die gevoed wordt aan de borst.

Veilige adviezen

Bijsluiters en/of het Farmacotherapeutisch Kompas adviseren vaak om de borstvoeding te stoppen. Dit is een voor de fabrikant 'veilig' advies: de fabrikant dekt hiermee vooral zichzelf in. Er is echter naar veel medicijnen onderzoek gedaan over of en hoe veilig je die kunt gebruiken tijdens zwangerschap en borstvoeding.

Concentratie van het medicijn in de moedermelk

Door betere technieken is het mogelijk geworden zelfs de kleinste sporen medicijn aan te tonen. Maar het feit dát er medicatie aantoonbaar is in de moedermelk wil niet zeggen dat het een gevaar oplevert voor het kind dat de melk drinkt.

De invloed van het medicijn, of restanten van het medicijn, op het kind zijn onder andere afhankelijk van:

  • de concentratie van het geneesmiddel in de melk (afhankelijk van de aard van het geneesmiddel, de dosis en tijd van inname);
  • de hoeveelheid melk die het kind drinkt;
  • de maagzuurbestendigheid van het medicament;
  • de mate van absorptie vanuit het maag-darm kanaal van de baby en mogelijkheid de lever te passeren;
  • en dus de hoeveelheid van het geneesmiddel dat daadwerkelijk in de bloedbaan van het kind terecht komt (plasmaconcentratie);
  • de aard van het geneesmiddel: de respons kan bij jonge kinderen anders zijn dan bij oudere kinderen en geneesmiddelen kunnen ook in kwalitatieve of kwantitatieve zin invloed hebben op de aanmaak van borstvoeding;
  • de periode dat het gebruik van het geneesmiddel met het geven van borstvoeding gecombineerd wordt.

Maak een gefundeerde keuze

Om een gefundeerde keuze te maken met betrekking tot het gebruik van medicatie en het geven van borstvoeding, dienen de arts en de moeder zich goed te (laten) informeren. Een advies door een deskundig apotheker waarin zowel de noodzaak en wens van borstvoeding als de noodzaak van geneesmiddelgebruik en de mogelijke alternatieven afgewogen worden, kan dit ondersteunen. Op alle afdelingen in het Amsterdam UMC waar borstvoeding of moedermelk wordt gegeven is de nieuwste versie van het boek ‘Geneesmiddelen, Zwangerschap en Borstvoeding’ door RIVM/Healthbase aanwezig of wordt via internet geraadpleegd.

Kijk en informeer ook bij:

  • De Geneesmiddelen Infolijn voor particulieren 0900 9998800 [ma t/m vr 10.00 - 16.00 uur]
  • http://www.lareb.nl/Teratologie/Naslagwerk-GZB De meest recente informatie uit het boek Geneesmiddelen, Zwangerschap en Borstvoeding 2011 RIVM/Healthbase is hier online te vinden.

Je kunt altijd terecht bij de lactatiekundigen van het AMC voor advies.

Mail: lactatiekundigen@amsterdamumc.nl

Tel. sein 25108

Je kunt ook langslopen op H4 tegenover de liften (H4-163) om persoonlijk een afspraak te maken.

Bron: https://www.borstvoeding.com/problemen/medicijnen/geneesmiddel.html

Beleidsnotitie Borstvoeding in het AMC 2009