Binnenkort krijgt u chemotherapie. De therapie die u krijgt bestaat uit het middel Topotecan. Deze folder schetst een beeld van een behandeling met chemotherapie. Wat is chemotherapie? Hoe gaat zoiets in zijn werk? Wat gebeurt er met uw lichaam? En in het bijzonder bij een behandeling met Topotecan: wat zijn de bijwerkingen en hoe kunt u daar het best mee omgaan?
Inhoud
De behandeling met Topotecan wordt 1 keer per 3 weken gegeven 2
Hoe reageert de tumor op de behandeling? 3
Welke bijwerkingen kunnen optreden? 3
Minder eetlust en misselijkheid 3
Geïrriteerd of ontstoken tandvlees 4
Beenmerg - verminderde weerstand tegen infecties 5
Koorts op de dag van toediening 7
Vermoeidheid en lusteloosheid 7
Effect op seksualiteit en vruchtbaarheid 7
Chemotherapie en uitscheidingsproducten 8
Wanneer contact met Amsterdam UMC – locatie VUmc? 8
Waarom chemotherapie?
Doel van de chemotherapie is de kankercellen waar die zich in het lichaam ook mogen bevinden, te vernietigen of in groei te remmen. Bij de behandeling worden celdodende middelen in het lichaam verspreid. Het hele lichaam wordt dus aangepakt, inclusief het gezonde deel. Maar de gezonde cellen herstellen zich aanzienlijk sneller dan de kwaadaardige. En daar maakt de chemotherapie nu juist gebruik van. Ze is erop gericht de kwaadaardige cellen te vernietigen, met optimaal behoud van de gezonde cellen.
Voor een behandeling met chemotherapie moet het lichaam in goede conditie zijn. Vooral het bloed moet in orde zijn. Heel belangrijk in dat verband is het beenmerg. In dat deel van het lichaam worden namelijk de verschillende soorten bloedcellen gemaakt. Het beenmerg zorgt ervoor dat er witte bloedlichaampjes zijn, die infecties helpen voorkomen. Ook maakt het de rode bloedlichaampjes. Als u die niet genoeg heeft krijgt u bloedarmoede, wordt u moe, duizelig, bleek of kortademig. En tenslotte produceert het beenmerg ook de bloedplaatjes, die voor de bloedstolling van belang zijn.
Het punt is nu dat in de strijd tegen de kankercellen ook de snel delende cellen van het beenmerg een klap te verwerken krijgen. Daarom wordt tijdens de behandeling steeds het bloed gecontroleerd. Uw arts beoordeelt de bloedwaarden; zijn deze in orde en zijn er geen andere klachten die een bezwaar vormen voor toediening van de kuur, dan wordt de chemotherapie bij de apotheek besteld.
Zelf kunt u geen invloed uitoefenen op het herstel van het beenmerg, ook niet door voeding.
De Topotecan-kuur
De Topotecan wordt iedere 3 weken toegediend. Het aantal kuren dat toegediend wordt kan per patiënt verschillend zijn. Dit hangt samen met de wijze waarop men de Topotecan verdraagt en de mate waarin het ziekteproces reageert op de therapie. Verdraagt u de Topotecan goed en neemt het ziekteproces in omvang af of blijft het stabiel, dan zal de behandeling voortgezet worden.
De behandeling met Topotecan wordt 1 keer per 3 weken gegeven
- gedurende 5 dagen achtereen in tabletvorm thuis.
- U bent alleen op de eerste behandeldag van de kuur in het ziekenhuis voor bloedafname en een beoordeling van uw bloedwaarden, zie hierna ‘De eerste behandeldag’.
- of
- gedurende 5 dagen achtereen via een infuus op de Dagbehandeling in het ziekenhuis.
De eerste behandeldag
- Een uur voor uw afspraak met de longarts, laat u bloed afnemen op poli P 1e-etage.
- Daarna bespreekt de longarts met u (poli M 1e-etage), hoe u zich voelt en beoordeelt de bloedwaarden.
- Krijgt u de kuur in tablet-vorm? Dan gaat u na het bezoek aan de longarts naar de apotheek.
- Krijgt u de Topotecan via het infuus? Dan gaat u vervolgens naar de Dagbehandeling.
- dag 2 t/m 5 van de kuur via het infuus gaat u meteen naar de Dagbehandeling.
- de chemotherapie via een infuus wordt in 60 minuten toegediend. Een verpleegkundige brengt het infuus bij u in, en verzorgt het toedienen van de medicijnen. De volgende dag en de dagen daarna zal dit op dezelfde manier gaan.
Het is moeilijk te voorspellen of u veel of weinig last van de Topotecan ondervindt. Sommige mensen merken weinig van bijwerkingen. Anderen voelen zich een paar dagen niet lekker of voelen zich ziek. Ook kan het zijn dat u na de ene kuur minder of meer last heeft van bijwerkingen dan na de andere kuur. Over het algemeen nemen de klachten in de tweede week na de kuur af en gaat u zich weer beter voelen. U kunt in de periode tussen de kuren lichamelijk en geestelijk weer op krachten komen.
Hoe reageert de tumor op de behandeling?
Responsbeoordeling (kijken of de tumor gereageerd heeft op de behandeling) heeft in eerste instantie plaats na de tweede kuur van 5 dagen weken na de start van de therapie. Voor deze beoordeling wordt een CT-scan gemaakt. De arts beslist wanneer de volgende responsebeoordeling nodig is: na 6 of na 12 weken.
Welke bijwerkingen kunnen optreden?
Doordat de Topotecan niet alleen de kankercellen aanpakt maar ook gezonde cellen, kunt u last krijgen van bijwerkingen. Hieronder volgen de meest voorkomende bijwerkingen, steeds gekoppeld aan manieren om ze te verzachten of te voorkomen.
Minder eetlust en misselijkheid
Veel mensen hebben minder trek tijdens de kuur. Soms verandert de smaak, waardoor plotseling sommig voedsel niet lekker meer smaakt of tegenstaat. Misselijkheid, variërend van vaag tot fors, wil nog wel eens optreden. Dankzij nieuwe medicijnen hoeft dit niet meer zo erg te zijn.
|
Wat kunt u doen? U krijgt recepten mee voor tabletten of zetpillen tegen misselijkheid. Het is verstandig onderstaand schema te volgen, de misselijkheid is dan over het algemeen goed onder controle. Dag 1 t/m 5, de dagen waarop u de kuur krijgt, krijgt u minstens 1 uur voor de start van de chemotherapie 8 mg Zofran (Ondansetron) in het infuus. Dag 4 en 5 neemt u 3 maal per dag een tablet Primperan (Metoclopramide) 10 mg in. Als u tabletten niet goed verdraagt, kunt u zetpillen gebruiken (Primperan 10 mg). Wanneer ondanks het volgen van dit schema, misselijkheid en/of braken onvoldoende onder controle zijn, kan in overleg met uw arts het beleid worden aangepast. Bijwerkingen van de medicatie tegen misselijkheid
Zofran® kan obstipatie veroorzaken; houd uw ontlastingspatroon in de gaten en vraag zo nodig om een recept voor een laxeermiddel. Ook hoofdpijn kan optreden. Verder kan het middel opvliegingen, een verhit gevoel in het hoofd of de hik veroorzaken. Primperan® Primperan® heeft als belangrijkste bijwerking sufheid en vermoeidheid en heeft daardoor een negatieve invloed op uw rijvaardigheid. Ook kunnen een onrustig of gejaagd gevoel en trekkingen in gezichts- en nekspieren optreden (zelden). Wat u verder tegen misselijkheid kunt doen:
(30 tot 40 minuten).
|
Geïrriteerd of ontstoken tandvlees
De mondholte kan gevoelig worden doordat de Topotecan het slijmvlies aantast. Het tandvlees kan gaan ontsteken en er kunnen blaartjes of zweertjes in de mond ontstaan. Ook kunnen kloofjes ontstaan in de lippen en mondhoeken. Het eten kan hierdoor bemoeilijkt worden.
|
Wat kunt u doen?
|
Diarree
Door de behandeling met Topotecan kunt u diarree krijgen. Diarree is een waterdunne ontlasting, meer dan vier keer per dag. De opname van vocht en voedingsstoffen is dan verstoord door irritatie van het slijmvlies van de darm en een verandering in de stofwisseling van de dunne darm. Bij diarree worden voedingsstoffen in de darmen minder goed opgenomen. U kunt hierbij last krijgen van de volgende klachten:
- buikpijn/buikkrampen
- veelvuldige aandrang
- dunne ontlasting
- veranderde kleur van de ontlasting
- pijn en huidirritatie van het gebied rond de anus
- droge mond
- droge huid
- donkere urine en veel minder vaak plassen.
|
Wat kunt u doen? Het is belangrijk dat u veel drinkt om het vochtverlies aan te vullen. Dit houdt in ongeveer 2 liter. Dit zijn 16 kopjes of 14 bekers thee, bouillon, bronwater, sportdrank, bosbessen- of tomatensap zijn goede dranken om tekorten aan te vullen die door diarree zijn veroorzaakt. Probeer prikkelende voeding te vermijden, zoals hete of juist ijskoude producten. Vermijd citrusfruit, sterke koffie, koolzuurhoudende dranken, donker bier, gefrituurde gerechten, noten en peulvruchten. Het gebruik van een stoppend dieet heeft geen zin. |
Obstipatie
Naast diarree kunt u door de behandeling met Topotecan last krijgen van verstopping van de darmen. Klachten die hiermee gepaard gaan zijn:
- harde en droge ontlasting
- persen bij de stoelgang
- opgezette buik
- buikpijn/buikkrampen
- verminderde eetlust door een vol gevoel.
|
Wat kunt u doen?
|
Beenmerg - verminderde weerstand tegen infecties
Onder invloed van de Topotecan is het mogelijk dat het beenmerg minder witte bloedlichaampjes produceert. Dit heet leukopenie. Dit kan tot gevolg hebben dat uw weerstand tegen infecties afneemt. U bent dan sneller vatbaar voor verkoudheid of griep. Soms is het nodig dat u met antibioticum behandeld wordt. Ongeveer tussen de tiende- en de vijftiende dag na het starten van de kuur is het aantal witte bloedlichaampjes het laagst. Men noemt dit de dipperiode. U kunt niets doen om deze dipperiode tegen te gaan. U kunt wel een aantal maatregelen treffen om de kans op een infectie in deze dipperiode zoveel mogelijk te vermijden.
|
Wat kunt u doen? Vermijd indien mogelijk contact met verkouden of grieperige mensen. Gelegenheden waar veel mensen bij elkaar zijn, zoals bijvoorbeeld het openbaar vervoer, winkels, voetbalstadions en kerken kunt u in deze periode beter mijden. Als u denkt dat u verhoging of koorts heeft, controleer dan uw temperatuur. Neem contact op met uw casemanager bij koorts (temperatuur boven 38.5°C onder de oksel of 39°C met een oorthermometer gemeten). |
Bloedarmoede
Bij bloedarmoede heeft u een tekort aan rode bloedcellen (erytrocyten). Dit wordt ook wel anemie genoemd. U heeft hierbij een verhoogde kans op:
- kortademigheid en vermoeidheid, zelfs na geringe inspanning
- het zwart voor de ogen zien bij opstaan uit bed of stoel
- bleekheid, lusteloosheid en verminderde eetlust
- duizeligheid en hoofdpijn
- problemen met slapen en concentreren
- hartklachten of hartkloppingen
- koude gevoel, transpireren.
Het is raadzaam om bij deze klachten contact op te nemen met uw casemanager. U kunt zelf namelijk niets aan uw klachten doen, ook niet door een andere voeding.
Tekort aan bloedplaatjes
Bloedplaatjes spelen een belangrijke rol bij de bloedstolling. Een daling van het aantal bloedplaatjes maakt het bloed minder stolbaar. De menstruatie zal over het algemeen heviger zijn, maar kan soms onder chemotherapie ook achterwege blijven.
U heeft een verhoogde kans op:
- regelmatige en hevige neusbloedingen
- blauwe plekken
- bloed bij het plassen
- bloed bij het hoesten
- bloedend tandvlees
- puntvormige bloedinkjes in de huid
- bloed bij braken
- bloed in de ontlasting.
Het is raadzaam bij bovengenoemde klachten contact op te nemen met uw casemanager.
|
Wat kunt u doen?
|
Haaruitval
Een behandeling met Topotecan veroorzaakt haaruitval. Niet alleen uw hoofdhaar, maar ook uw wenkbrauwen, wimpers, oksel-, lichaams- en schaamharen kunnen uitvallen. U kunt zelf niets doen om haaruitval te voorkomen. In alle gevallen is het haaruitval tijdelijk. Na het staken van de behandeling begint uw haar na ongeveer een maand weer te groeien. Meestal is er na enkele maanden weer een goed herstel van de haargroei. Wanneer uw haar weer aangroeit kan het, vaak tijdelijk, verschil vertonen met uw oorspronkelijke haar. Het kan anders zijn van kleur, sluiker zijn of juist meer slag hebben.
Haaruitval begint meestal enkele weken na de toediening van de medicijnen. Het kan een gevoelige of pijnlijke hoofdhuid veroorzaken.
|
Wat kunt u doen? Het is te overwegen om aan het begin van de behandeling het haar kort te laten knippen opdat u minder last zult hebben van de uitvallende haren. Als het haar dunner wordt kunt u bijvoorbeeld een hoed of pet opzetten of een shawl met een mooie knoop om het hoofd binden`, of een hoed of pet opzetten. Er in inmiddels veel keuze om een kaal hoofd op een modieuze wijze en naar uw eigen stijl ‘aan te kleden’. Zie o.a. de websites: www.mooihoofd.nl; www.hatsjiekidee.wordpress.com Ook de aanschaf van een pruik is te overwegen. De kapsalons in Amsterdam UMC hebben hier ervaring mee. U kunt op de dagbehandeling een ledenlijst van het Top Haarwerkersgilde Nederland vragen, zodat u een kapsalon bij u in de buurt kunt kiezen. Ook kunt u terecht bij Pruikenthuiszorg Nederland (www.pruikenthuiszorg.nl) Met een verklaring van de arts worden de kosten van een pruik grotendeels vergoed door de ziekenfondsen en ziektekosten-verzekeraars. |
Koorts op de dag van toediening
Door de behandeling met Topotecan kan op de dag van toediening koorts ontstaan. De koorts verdwijnt spontaan binnen 24 uur na de toediening. Het is belangrijk dat u tijdens de koorts voldoende drinkt (minimaal twee liter per dag) om uitdroging te voorkomen. Door de koorts en het zweten verliest u namelijk meer vocht dan gewoonlijk. Ter bestrijding van de koorts neemt u tot maximaal drie keer per dag 1000 mg paracetamol in. Bij de volgende toediening kunt u hier van tevoren mee beginnen. Wanneer de koorts van 38.5°C of hoger op de dag van toediening na 24 uur nog niet is verdwenen dient u contact op te nemen met uw casemanager.
Vermoeidheid en lusteloosheid
U kunt zich moe en futloos voelen. Slap, tot niets in staat en nergens zin in. Soms al de eerste dag van de kuur. Vergelijkbaar met het gevoel na een griep. De vermoeidheidsklachten kunnen na de behandeling nog enkele maanden of zelfs jaren aanhouden. Het voorkomen of verhelpen van de vermoeidheid is moeilijk te realiseren. Er is echter veel mogelijk om het probleem dragelijk te maken.
|
Wat kunt u doen? Forceer uzelf niet. Luister naar de stem van uw lichaam en als die zegt ‘ik wil rust’, hou dan rust. Regel zo nodig hulp voor boodschappen enzovoort en neem niet teveel hooi op uw vork. Probeer wel actief te blijven, als u steeds minder gaat doen gaat uw conditie achteruit. |
Effect op seksualiteit en vruchtbaarheid
De menstruatie kan van slag raken. Dit kan variëren van een keer overslaan tot helemaal wegblijven. Langer bloedverlies dan normaal komt ook voor. Bij vrouwen ouder dan veertig jaar kan de menstruatie definitief wegblijven. Ook kunnen vrouwen last hebben van een droge vagina, doordat de slijmvliezen worden aangetast.
Voor zowel mannen als vrouwen is het normaal dat door vermoeidheid tijdens de behandeling, behoefte aan geslachtsgemeenschap afneemt. Vermoeidheid kan tot lang na de behandeling aanhouden.
|
Wat kunt u doen?
|
Chemotherapie en uitscheidingsproducten
In uitscheidingsproducten kunnen nog geruime tijd resten cytostatica voorkomen. Het gaat hier om urine, ontlasting, drain- en wondvocht en bloed.
Direct contact met cytostatica of resten in uitscheidingsproducten kan voor anderen schadelijk zijn voor de gezondheid. Dit geldt speciaal voor hen die dagelijks met chemotherapie werken en is niet van toepassing voor uw naasten. Ga intimiteit dus vooral niet uit de weg!
Braaksel is alleen risicovol als de chemotherapie als tablet, capsule of drank is ingenomen, en dan tot 2 uur na inname.
Er is onvoldoende onderzoek verricht om een uitspraak te kunnen doen over de aanwezigheid van resten chemotherapie in sperma en vaginaalvocht.
Er zijn tot 2 dagen na het laatste infuus met Topotecan resten chemotherapie aanwezig in uitscheidingsproducten.
|
Wat kunt u doen? Voorkom verspreiding van resten cytostatica in uitscheidingsproducten door spetteren of morsen.
|
Wanneer contact met Amsterdam UMC – locatie VUmc?
Bij een kuur kunnen zich dus tal van ‘normale’ bijwerkingen voordoen. Deze kunnen vervelend zijn, maar vormen geen reden tot ongerustheid. Het is goed te weten dat de mate waarin de bijwerkingen optreden niets zegt over het uiteindelijke resultaat van de therapie.
Uiteraard staat u niet alleen. U kunt rekenen op de hulp en de steun van Amsterdam UMC. Met vragen of problemen kunt u altijd bij ons terecht. Doet zich iets ongewoons voor, wat u niet vertrouwt, aarzelt u dan niet om contact op te nemen.
Neem in ieder geval contact op bij:
- diarree die langer aanhoudt dan 48 uur
- indien u uw medicijnen niet kunt innemen en niet kunt drinken
- pijnlijke mond (rood en/of gezwollen, zweertjes)
- koorts (temperatuur boven 38.5 ºC onder de oksel of 39 ºC met een oorthermometer gemeten) koude rillingen
- spontane blauwe plekken
- aanhoudend bloedverlies.
En bij elk ander nieuw verschijnsel waarvan u denkt dat het belangrijk kan zijn.
Vragen
Wie kunt u bellen indien u contact moet opnemen of vragen heeft?
- Longoncologie – spreekuur:
- maandag t/m vrijdag 8.00 – 9.00 uur
- telefoonnummer 06 – 257 208 23
- e-mail longoncologieinfo@vumc.nl
- Spoed:
- overdag: telefoonnummer 020 - 444 11 20
- weekend/avond/nacht: telefoonnummer 020 – 444 21 50