Deze folder schetst een beeld van een gecombineerde behandeling met immunotherapie en chemotherapie.Hoe gaat zoiets in zijn werk? Wat gebeurt er met uw lichaam? Wat zijn de bijwerkingen van de verschillende middelen en hoe kunt u daar het best mee omgaan?

Waarom chemotherapie?

Welke chemotherapie u krijgt bepaalt uw longarts, afhankelijk van het soort longkanker dat u heeft.

Chemotherapie is de behandeling van kanker met medicijnen, zogenoemde cytostatica, die de cellen doden of de celdeling remmen. Na toediening komen ze in het bloed terecht en worden zo door het lichaam verspreid. Zo kan chemotherapie kankercellen vrijwel overal in het lichaam bereiken.

Het hele lichaam wordt aangepakt, inclusief het gezonde deel. Maar de gezonde cellen herstellen zich aanzienlijk sneller dan de kwaadaardige. Daar maakt de chemotherapie gebruik van. Het is erop gericht om kwaadaardige cellen te vernietigen, met optimaal behoud van de gezonde cellen.

Waarom immunotherapie? (ipilimumab en nivolumab)

Immuuntherapie is een behandeling waarbij medicijnen worden gebruikt die de natuurlijke afweerreactie van uw lichaam stimuleert om kankercellen te bestrijden. Immunotherapie werkt niet direct op de kankercellen, maar is gericht op het afweersysteem. Dit is uniek aan immunotherapie.

Nivolumab en ipilimumab werken samen met uw immuunsysteem om kanker te bestrijden. Ipilimumab activeert het immuunsysteem en stimuleert de aanmaak van cellen die de kanker bestrijden. Nivolumab zorgt ervoor dat deze cellen kanker herkennen en aanvallen.

Combinatiebehandeling

Uw arts bepaalt welke soort chemotherapie u, naast de immunotherapie, gaat krijgen. Dit is afhankelijk van uw specifieke soort longkanker. U ontvangt de informatie over deze soort chemotherapie apart, omdat het per middel andere bijwerkingen kan geven.

De behandeling wordt op de dagbehandeling (poli W 4e-etage) gegeven. Hoe lang de behandeling duurt, is afhankelijk van de soort chemotherapie die u krijgt. Dit varieert van 3 uur tot 5 uur.

Responsbeoordeling (kijken of de tumor gereageerd heeft op de behandeling) zal gemiddeld na elke 2 - 4 kuren plaatsvinden door een CT-scan te maken.

Een kuur in de praktijk

Een uur voor de afspraak met de longarts (poli M 1e-etage), laat u bloed afnemen op

poli P 1e-etage.

Daarna bespreekt de longarts met u, hoe u zich voelt en beoordeelt de bloedwaarden.

Als na bloedafname blijkt dat uw bloeduitslag niet goed is, kan de kuur worden uitgesteld. Eventueel wordt de dosering van de chemotherapie aangepast.

De middelen worden gegeven via een infuus op de dagbehandelingsunit (DBU) poli 4W.

Onderstaand is een schema van uw behandeling: u krijgt iedere 3 weken een behandeling. De combinatie van immunotherapie en chemotherapie krijgt u in totaal 2x. Hierna krijgt u

iedere 3 weken alleen immunotherapie (de ene keer ipilimumab en nivolumab en de volgende keer alleen nivolumab. Dit gaat om en om zo door.

De behandeling stopt als er progressie is of als u te veel last van bijwerkingen heeft die niet te bestrijden zijn.

Chemotherapie/immunotherapie-schema

Start behandeling

ipilimumab + nivolumab + chemotherapie

Week 3 (21 dgn)

nivolumab + chemotherapie

Onderhoudsbehandeling met immunotherapie iedere 3 weken

Week 6

nivolumab + ipilimumab 

Week 9

nivolumab

Week 12

nivolumab + ipilimumab 

Week 15, etc.

nivolumab

Medicatie voor start van de behandeling

Afhankelijk van welke chemotherapie u krijgt, zult u voor de behandeling eventueel al moeten starten met medicatie. Bij sommige soorten chemotherapie moeten patiënten vooraf bijvoorbeeld starten met vitamines of dexamethason. Indien dit nodig is zult u dit van uw longarts horen en voorgeschreven krijgen.

Overgevoeligheidsreacties

Dit kan (zeer zelden) tijdens of kort na het infuus zijn, maar ook later als u weer thuis bent.

Reacties waar u dan aan moet denken zijn:

  • koorts
  • lage bloeddruk
  • rillingen
  • huiduitslag
  • misselijkheid/braken
  • opvliegers
  • pijnklachten.

Als een reactie optreedt tijdens het infuus is het belangrijk dat u dit meldt aan de verpleegkundige. De reactie kan mogelijk behandeld worden door het infuus langzamer te laten lopen, of tijdelijk stoppen of extra medicatietoediening na overleg met een arts.

De belangrijkste mogelijke bijwerkingen van de chemotherapie

Het is moeilijk te voorspellen of u veel of weinig last van de chemotherpie ondervindt. Sommige mensen merken nauwelijks iets van bijwerkingen. Anderen voelen zich een paar dagen niet lekker, of zijn echt ziek.

Hieronder staan de meest voorkomende bijwerkingen vermeld van chemotherapie:

  • misselijkheid
  • invloed op het slijmvlies van de mond maag en darmen
  • invloed op de algemene gesteldheid en vermoeidheid
  • invloed op het beenmerg (weerstand tegen infecties)
  • haaruitval
  • invloed op het gehoor
  • invloed op de nieren
  • invloed op het zenuwstelsel (tintelingen in voeten en/of handen).

Bijwerkingen ipilimumab en nivolumab

Mogelijke bijwerkingen die gezien worden zijn:

  • vermoeidheid
  • kortademigheid
  • hoesten
  • longontsteking
  • huiduitslag
  • diarree of verstopping
  • lever- en/of nierfunctie-afwijkingen
  • ontstaan van diabetes
  • gewrichts- en spierpijn
  • stoornissen van de schildklierfunctie
  • gewichtstoename.

De meeste van deze bijwerkingen zijn mild en kunnen met gewone geneesmiddelen behandeld worden. Sommige bijwerkingen zijn alleen te beoordelen door bloedafname.

Meer informatie en vragen

Bij vragen of last van bijwerkingen, neem contact op met de casemanagers Longoncologie

  • Longoncologie spreekuur: 06 257 208 23
  • maandag t/m vrijdag 8.00 - 9.00 uur
  • of mail naar longoncologieinfo@vumc.nl
  • Spoed overdag: 020 – 444 11 20 (poli M - Longziekten tot 16.00 uur)
  • Spoed weekend/avond/nacht: 020 - 444 21 50 (afdeling Longziekten, ziekenhuis)