Deze informatiefolder is samengesteld door Amsterdam UMC om algemene informatie te verstrekken over uw behandeling. Wat gebeurt er met uw lichaam? Wat zijn de bijwerkingen en hoe kunt u daar het best mee omgaan?

Wat is chemotherapie?

Chemotherapie is een behandeling van kanker met chemische medicijnen die een celdodend effect hebben. Irinotecan is zo’n medicijn. Het zorgt ervoor dat de tumorcellen zich niet meer kunnen delen. Alle delende cellen worden hierdoor getroffen, dus ook normale, gezonde cellen. Hierdoor kunt u last krijgen van bijwerkingen. Welke bijwerkingen en hoeveel klachten dit geeft is per persoon verschillend.

Meer informatie over chemotherapie vindt u in de bijgevoegde folder over chemotherapie.

De behandeling in de praktijk

Irinotecan wordt via het infuus toegediend. De toediening duurt 30 minuten.

Medicatie

Toedieningswijze

1x per 2 weken

dagen/dag cyclus

Chemotherapie

1

2-14

Irinotecan

infuus – 60 minuten

Ondersteunende medicatie

Atropine 0,25mg

subcutaan, zo nodig

Anti-emetica

Ondansetron 8mg

infuus

Dexamethason 8mg

infuus

Anti-emetica thuis

Metoclopramide 10mg

tablet - 3x per dag, zo nodig

Het aantal behandelingen dat toegediend wordt, kan per patiënt verschillend zijn. Dit hangt samen met de wijze waarop men de behandeling verdraagt en de mate waarin het ziekteproces reageert op de therapie. Verdraagt u de behandeling goed en neemt het ziekteproces in omvang af of blijft het stabiel, dan wordt de behandeling voortgezet.

Het is moeilijk te voorspellen of u veel of weinig last van de behandeling ondervindt. Sommige mensen merken nauwelijks iets van bijwerkingen. Anderen voelen zich een paar dagen niet lekker, of zijn echt ziek. Ook kan het zo zijn dat u zich tijdens de ene behandeling goed voelt en tijdens een andere behandeling meer klachten heeft.

In de ‘rust’ tussen de behandelingen kunt u lichamelijk en geestelijk weer op krachten komen en voelt u zich aanzienlijk beter.

Voorafgaand de behandeling vindt een gesprek plaats met uw behandelend arts of verpleegkundig specialist en wordt uw bloedbeeld gecontroleerd.

Specifieke bijwerkingen voor deze behandeling

Cholinergisch Syndroom (acuut)

Irinotecan kan een acuut cholinergisch syndroom veroorzaken tijdens of vlak na de toediening. Klachten die kunnen ontstaan zijn:

  • diarree,
  • buikpijn,
  • tranende ogen,
  • transpireren,
  • rillingen,
  • duizeligheid,
  • problemen met het zicht
  • algeheel gevoel van malaise

Deze klachten zijn goed te verhelpen door een atropine-injectie toe te dienen. Geef direct bij de verpleegkundige aan als deze klachten ontstaan.

Diarree

Naast de acute diarree, kan er ook in de rustperiode diarree ontstaan. Diarree is dunne tot waterdunne ontlasting, meer dan 6 keer per dag.

Neem direct contact op met uw behandelend arts of verpleegkundig specialist indien:

  • de diarree frequentie meer dan 6 keer per dag is
  • u minder dan een liter vocht drinkt
  • de diarree langer dan 24 uur aanhoudt
  • andere klachten ontstaan zoals koorts of braken.

Wat kunt u doen?

Op advies van uw behandelend arts of verpleegkundig specialist kunt u starten met loperamide. Start met 2 capsules (= 4mg), continueer de loperamide door elke keer dat u diarree heeft een capsule (= 2mg) in te nemen. U mag maximaal 16mg per dag innemen. Compenseer daarnaast het vochttekort door 2 liter per dag te drinken.

Haaruitval

Uw haar kan uitvallen bij deze behandeling, hierbij kan er een pijnlijke hoofdhuid ontstaan. Dit is tijdelijk. Via uw behandelend arts of verpleegkundig specialist kunt u een verwijzing krijgen voor het aanpassen van een haarstuk. Ook zijn er speciale sjaaltjes en mutsjes ontwikkeld.

Misselijkheid

Om misselijkheidsklachten zo beperkt mogelijk te houden, kunt u het volgende schema aanhouden.

  • De dag waarop de toediening plaats vindt, krijgt u via het infuus medicatie om misselijkheid te voorkomen.
  • Metocloperamide (Primperan®) tabletten of zetpillen 10mg mag u bij klachten 3 keer per dag gebruiken, bij voorkeur een halfuur voor de maaltijd. Als de misselijkheidsklachten hierbij blijven aanhouden, neem dan contact op met uw behandelend arts of verpleegkundig specialist.

Uitscheiding

Urine, ontlasting, bloed, braaksel, wond- en drainvocht zijn lichamelijke uitscheidingsproducten. In dit vocht kan de eerste dagen na de behandeling kleine resten chemotherapie aanwezig zijn. Dit kan schadelijk zijn voor de omgeving. Tot 4 dagen na de behandeling zijn er resten aanwezig.

Er is onvoldoende onderzoek verricht om een uitspraak te kunnen doen over de aanwezigheid van resten chemotherapie in sperma en vaginaal vocht. Ga intimiteit dus niet uit de weg!

Wat kunt u doen?

  • Toilet gebruik: voorkom spetteren of morsen ter verspreiding van resten chemotherapie. Trek tweemaal door met een gesloten deksel. Mannen wordt geadviseerd zittend te plassen.
  • Bevuilde kleding of linnengoed eerste dagen na de behandeling: is uw kleding bevuild bijvoorbeeld door misselijkheidsklachten? Spoel uw kleding eerst met koud water af, hierna mag het meegewassen worden op een normaal programma van de wasmachine.
  • Zorg dat er tijdens een behandeling met chemotherapie geen zwangerschap kan ontstaan. Gebruik bij seksueel contact goede anticonceptiemiddelen zoals een condoom.

Contact

Neem direct contact op met uw behandelend arts of verpleegkundig specialist bij het ontstaan van (nieuwe) klachten.

Meer informatie

Als u meer wilt weten of in contact wilt komen met andere patiënten met kanker, dan kunt u zich wenden tot de volgende adressen:

Daarnaast vindt u in de wachtruimte patienteninformatie van Amsterdam UMC en van

KWF Kankerbestrijding. U kunt de informatie ook opvragen bij de verpleging.