Gedachten en opvattingen spelen een belangrijke rol bij hoe wij ons voelen en bij wat we doen. Angstige gedachten veroorzaken angstige gevoelens, boze gedachten veroorzaken boze gevoelens, vrolijke gedachten kunnen alleen samengaan met een blij gevoel, gedachten waarin we onszelf beschuldigen veroorzaken schuldgevoelens. Af en toe zitten we met gevoelens die we, als we het zelf voor het zeggen hadden, liever niet zouden willen hebben. Je kunt dan oefenen met hoe je niet-helpende gedachten kunt omzetten in helpende gedachten.

Opdracht 1

Hieronder vind je in de linker kolom verschillende niet-helpende gedachten die vrouwen kunnen rapporteren tijdens het oefenen met opdrachten die in het kader van de behandeling zijn meegegeven (bijvoorbeeld oefenen met het stappenplan om iets pijnloos in de vagina te leren brengen).

    1. Ga voor elke van deze 7 niet-helpende gedachten na waarom deze gedachte ‘niet-helpend’ is.
    2. Formuleer één of meer alternatieve ‘helpende gedachten’.

Niet-helpende gedachten

Alternatieve helpende gedachten

  1. Ik vind het maar raar om deze oefening te doen.

Omdat ik deze oefening voor de eerste keer doe, is het niet gek dat het wat onwennig voelt.

  1. Ik vind deze oefening eng. Ik moet er maar mee stoppen.
  1. Het gaat vast erg pijn doen.
  1. Als ik hier al zo gespannen van wordt, lukken de andere oefeningen al helemaal niet.
  1. Ik word helemaal niet opgewonden bij het aanraken van mijn vagina. Dat is niet normaal!
  1. Alle vrouwen kunnen gemeenschap hebben. Ik ben geen echte vrouw!
  1. *Mijn partner zal wel heel andere ideeën hebben gehad bij deze behandeling. Hij zal wel teleurgesteld zijn.
    *van toepassing indien er een partner is

Opdracht 2

Kies een eigen situatie waarin je hebt opgemerkt dat niet-helpende gedachten mogelijk een rol speelden bij wat je deed en hoe je je voelde. Werk deze situatie stapsgewijs uit.

  1. Beschrijf de situatie.
  2. Beschrijf hoe je je voelde en wat je deed (gevoel en gedrag).
  3. Ga op zoek naar de niet-helpende gedachten. Controleer of de gedachten die dat gevoel oproepen:
    • Waar zijn; of ze gebaseerd zijn op de waarneembare werkelijkheid.
    • Je helpen om het gevoel te bereiken wat je voor ogen hebt en je helpt zo te handelen in die situatie zoals je zelf wilt.
  4. Denk na over hoe je je zou willen voelen en wat je zou willen doen in die situatie.
  5. Verander niet-helpende gedachten in meer helpende gedachten. Schrijf deze op.
  6. Beschrijf wat deze helpende gedachten voor gevoel geven en hoe je je dan zou gedragen.

Omschrijf de situatie/

gebeurtenis

Niet-helpende gedachten

Wat is mijn gevoel en gedrag hierbij?

Wat wil ik voelen en doen?

Helpende gedachten

Wat is mijn gevoel en gedrag hierbij?

  1. Oefen een aantal keren met deze helpende gedachten door je voor te stellen dat je ze in dezelfde situatie gebruikt (bijv. door ze binnensmonds voor jezelf uit te spreken).
  2. Pas de helpende gedachten toe als de situatie zich opnieuw voordoet.

Voorbeeld bij opdracht 2: Tineke merkt dat wanneer ze aan het oefenen is, ze vaak snel stopt met oefenen en zich daar schuldig en boos over voelt. Ze besluit om deze situatie te gaan analyseren.

Omschrijf de situatie/ : gebeurtenis

Ik ben 15 minuten bezig met de oefening. Ik druk met mijn vinger tegen de ingang van mijn vagina. Ik voel dat de spieren rond de ingang gespannen zijn.

Niet-helpende gedachten

Het lukt me toch nooit; Het gaat toch altijd pijn doen.

Gevoel/Gedrag

Angstig, Gespannen; Na enkele minuten stop ik met oefenen, als ik weer eerder gestopt ben dan voel ik me erg teleurgesteld in mezelf.

Wat wil ik voelen/doen?

Tineke wil graag dat ze minder bang is en doorgaat met oefenen. Ze verwacht dat ze dan ook meer tevreden is over zichzelf. Dit schrijft ze op bij gevoel/gedrag. Tineke zoekt voor haar niet-helpende gedachte een alternatieve meer helpende gedachte en schrijft dit op.

Helpende gedachten

Ook al is mijn lichamelijke reactie tot nu toe geweest dat ik pijn voelde, dit betekent niet dat ik altijd zo moet blijven. Ik heb deze oefening nooit eerder gedaan en ik ben er pas net mee begonnen. Ik ga me nu op mijn lichaam concentreren om te kijken wat ik precies voel en herhaal nog eens wat ik over deze oefening heb gelezen.

Gevoel/ Gedrag

Minder bang; Ik ga verder met oefenen, tevreden gevoel over mezelf

Oefenen met nieuwe helpende gedachten:

De volgende stap die Tineke zet, is dat ze tijdens het oefenen de helpende gedachten tegen zichzelf zegt. Zij gaat na wat dit verandert aan haar gevoel. Zij merkt dat ze meer ontspannen is en ook het oefenen beter volhoudt. En daardoor meer tevreden is met zichzelf. Ze merkt wel dat oude gedachten nog vaak terugkomen tijdens het oefenen. Dat is vaak zo, want die oude niet-helpende gedachten zijn bekend voor Tineke. Daardoor komen die gedachten, zeker wanneer zij net is gestart met oefenen met meer helpende gedachten, nog gemakkelijker naar voren. De nieuwe gedachten zijn nog nieuw en voelen nog wat onwennig aan, zo ook voor Tineke. Maar doordat Tineke het vaak tegen zichzelf zegt, worden deze helpende gedachten steeds vertrouwder, steeds meer van haarzelf.