Binnenkort krijgt u chemotherapie. De therapie die u krijgt bestaat uit het middel Gemcitabine. Deze folder schetst een beeld van een behandeling met chemotherapie. Wat is chemotherapie? Hoe gaat zoiets in z'n werk? Wat gebeurt er met uw lichaam? En in het bijzonder bij behandeling met Gemcitabine: Wat zijn de bijwerkingen en hoe kunt u daar het best mee omgaan?

Inhoud

Waarom chemotherapie? 1

Een kuur in de praktijk 1

Welke bijwerkingen kunnen optreden? 2

Minder eetlust en misselijkheid 2

Bijwerkingen van de medicatie tegen misselijkheid 2

Griepachtige verschijnselen 3

Invloed op het beenmerg 3

Irritatie van het bloedvat 3

Haaruitval 4

Benauwdheid 4

Huiduitslag 4

Vochtretentie 4

Slaperigheid 4

Verandering van het ontlasting patroon 5

Gevoelige mondholte 5

Vermoeidheid 5

Effect op seksualiteit en vruchtbaarheid 5

Chemotherapie en uitscheidingsproducten 6

Wanneer contact met Amsterdam UMC 6

Meer informatie 7

Medicatie-innameschema 7

Waarom chemotherapie?

Doel van de chemotherapie is de kankercellen, waar die zich in het lichaam ook mogen bevinden, te vernietigen. Bij de behandeling worden bepaalde celdodende middelen in het lichaam verspreid. Het hele lichaam wordt dus aangepakt, inclusief het gezonde deel. Maar de gezonde cellen herstellen zich aanzienlijk sneller dan de kwaadaardige. En daar maakt de chemo-therapie nu juist gebruik van. Ze is erop gericht om kwaadaardige cellen te vernietigen, met optimaal behoud van de gezonde cellen.

Voor het krijgen van chemotherapie moet het lichaam in goede conditie zijn. Vooral het bloed moet in orde zijn, met name de verschillende soorten bloedcellen die in het beenmerg worden aangemaakt.

Daarom wordt tijdens de behandeling steeds uw bloed gecontroleerd. Als dat niet voldoende hersteld is, of als er andere klachten zijn die een bezwaar vormen voor de toediening van chemotherapie, kan de oncoloog besluiten de kuur uit te stellen.

Een kuur in de praktijk

Een Gemcitabinekuur wordt wekelijks toegediend, soms in combinatie met een andere soort chemotherapie of met bestraling. Afhankelijk van het behandelschema, maar meestal na 3 weken is er een week rust waarin geen chemotherapie wordt gegeven.

De toediening duurt 30 minuten. Gemcitabine wordt via een infuus in het bloedvattoegediend. Een verpleegkundige brengt het infuus bij u in en verzorgt het toedienen van de chemotherapie. Het is mogelijk dat u iemand mee brengt die u gezelschap houdt.

Het aantal kuren kan per patiënt verschillen. Dit hangt samen met het behandelschema, de wijze waarop men de chemotherapie verdraagt en de mate waarin het ziekteproces reageert op de behandeling. Verdraagt u de behandeling goed en neemt de tumor in omvang af of blijft stabiel, dan wordt de behandeling voortgezet.

Het is moeilijk te voorspellen of u veel of weinig last van de chemotherapie ondervindt. Sommige mensen merken nauwelijks iets van bijwerkingen. Anderen voelen zich een paar dagen niet lekker. Ook kan het zo zijn dat u zich na de ene kuur goed voelt, en na de andere kuur meer klachten heeft. Over het algemeen wordt een behandeling met Gemcitabine goed verdragen.

Welke bijwerkingen kunnen optreden?

Doordat de behandeling met Gemcitabine niet alleen de kankercellen aanpakt maar ook gezonde cellen, kunt u last krijgen van bijwerkingen. Hieronder volgen de meest voorkomende bijwerkingen, steeds gekoppeld aan manieren om ze te verzachten of te voorkomen.

Minder eetlust en misselijkheid

Het kan zijn dat u na de chemotherapie, een dag of een paar dagen minder trek heeft. Soms verandert de smaak, waardoor plotseling voedsel niet lekker meer kan smaken of zelfs tegenstaat. Misselijkheid en braken kunnen optreden en verdwijnen gewoonlijk 24 uur na de behandeling.

Wat kunt u doen?

U krijgt van uw arts recepten mee voor tabletten of zetpillen tegen misselijkheid.

Het is verstandig onderstaand schema te volgen, de misselijkheid is dan over het algemeen goed onder controle.

Dag 1: de dag waarop u de kuur krijgt, krijgt u het via het infuus op de dagbehandeling 8mg ondansetron toegediend.

Dag 2: tot en met 4: kunt u tot 3 maal per dag een tablet Metoclopramide 10 mg innemen.

Als u tabletten niet goed verdraagt, kunt u om zetpillen vragen. De zetpil van Metoclopramide is 10 mg en kunt u max.3 maal daags gebruiken.

Wanneer ondanks het volgen van dit schema, misselijkheid en/of braken onvoldoende onder controle zijn, kan in overleg met uw oncoloog het beleid worden aangepast.

Wat u verder tegen misselijkheid kunt doen:

  • Zoek een rustige, frisse omgeving op, vermijd lichtprikkels en extreme geuren (kookluchtjes, parfum).
  • Probeer zoveel mogelijk rechtop te zitten. Vooral na een maaltijd is dit van belang (30 tot 40 minuten).
  • Draag comfortabele, ruim zittende kleding.
  • Gebruik regelmatig kleine maaltijden (kleine beetjes op een groot bord), eet niet te vet, te warm of te sterk gekruid voedsel.
  • Drink in ieder geval goed, tenminste anderhalve liter per dag. Sommige mensen vinden koolzuurhoudende drankjes prettig.
  • Bij aanhoudende misselijkheid kan het verlichting geven wanneer u ieder uur enkele hapjes koude yoghurt (zonder suiker) neemt.
  • U kunt de folder ‘Voeding bij kanker’ meenemen.
  • Zo nodig kunt u zich laten adviseren door een diëtiste van het ziekenhuis.

Bijwerkingen van de medicatie tegen misselijkheid

  • Ondansetron (Zofran®)

Ondansetron kan obstipatie veroorzaken. Houd uw ontlastingspatroon in de gaten en vraag uw oncoloog zo nodig om een recept voor een laxeermiddel. Ook hoofdpijn kan optreden.

Ondansetron kan opvliegingen, een verhit gevoel in het hoofd of de hik veroorzaken.

  • Metoclopramide (Primperan®)

Heeft als belangrijkste bijwerking sufheid en vermoeidheid en heeft daardoor een negatieve invloed op uw rijvaardigheid!. Ook kunnen een onrustig of gejaagd gevoel en trekkingen in gezichts- en nekspieren optreden (zelden).

Griepachtige verschijnselen

Griepachtige klachten zoals vermoeidheid, koude rillingen, koorts, spierpijn, hoofdpijn, rugpijn, hoesten, neusverkoudheid, transpireren, weinig eetlust en slapeloosheid kunnen zich voordoen.

Gewoonlijk zijn deze klachten mild van aard en kortdurend.

Wat kunt u doen?

De klachten verdwijnen na korte tijd vanzelf. U kunt om koorts en spierpijn te onderdrukken een tablet Paracetamol 500 mg innemen. Tot 6 maal per dag. Neem bij aanhoudende koorts

Invloed op het beenmerg

Chemotherapie beïnvloedt niet alleen de remming van kankercellen, maar ook de productie van andere snel delende cellen, zoals de cellen in het beenmerg waaronder de erytrocyten, trombocyten en leucocyten.

Erytrocyten (rode bloedlichaampjes); zorgen voor zuurstoftransport in het lichaam. Een tekort leidt tot bloedarmoede. Klachten van moeheid, duizeligheid, bleek zien en/of kortademigheid kunnen optreden.

Trombocyten (bloedplaatjes); zijn van belang voor de bloedstolling. Te weinig trombocyten geven een verhoogde kans op bloedingen. Dat is bijvoorbeeld te merken aan ’blauwe plekken’.

Leucocyten (witte bloedcellen); spelen een rol bij de afweer. Onvoldoende leucocyten in het bloed leidt tot een verminderde weerstand. U bent dan sneller vatbaar voor infecties. Soms is het nodig dat u met antibioticum behandeld wordt.

Wat kunt u doen?

Zelf kunt u geen invloed uitoefenen op het herstel van het beenmerg, ook niet door voeding.

Heeft u klachten zoals hierboven beschreven, meldt ze dan aan uw oncoloog.

Wat betreft een verminderde afweer kunt u, indien mogelijk contact met verkouden of grieperige mensen vermijden. Als u denkt dat u verhoging of koorts heeft, controleer dan uw temperatuur.

Neem bij koorts (temperatuur boven 38,5°C onder de oksel, of 38,5°C met een oorthermometer gemeten) contact op met de afdeling Medische oncologie.

Irritatie van het bloedvat

Tijdens het inlopen van Gemcitabine kan bij de insteekplaats van het infuus een pijnlijk, branderig gevoel ontstaan. Dit wordt veroorzaakt door de prikkelende werking van de chemotherapie op de wand van het bloedvat.

Wat kunt u doen?

Meldt uw klachten aan een verpleegkundige. Een warmtepakking kan verlichting geven. Ook kan er via een zijlijn extra vocht toegediend worden.

Haaruitval

De behandeling die u krijgt, kan haaruitval veroorzaken. Dit kan ook betekenen dat uw haar alleen ‘dunner’ wordt. De hoofdhuid kan ook gevoelig of zelfs pijnlijk worden.

Niet alleen uw hoofdhaar, maar ook uw wenkbrauwen, wimpers, oksel-, lichaams- en schaambeharing kunnen uitvallen.

Het uitvallen van veel haar tegelijk wordt door de meeste mensen als erg hinderlijk en confronterend ervaren. Uw haar van te voren kort knippen, kan dan helpen. In alle gevallen is haaruitval ten gevolge van chemotherapie tijdelijk. U kunt overwegen een pruik te nemen. Bij de oncoloog kunt u een machtiging krijgen zodat u (een deel van) de kosten van de pruik kunt declareren bij uw verzekering.

Het is aan te raden, voor het haar gaat uitvallen naar de kapper te gaan. Kleur en model van de pruik kunnen dan het beste op uw eigen haar worden afgestemd.

Aan het eind van de behandeling begint uw haar na ongeveer een maand weer te groeien.

Er zijn ook alternatieven voor een pruik, bijvoorbeeld een mutsje, hoofddoek, pet of hoed. De oncologieverpleegkundige van de dagbehandeling kan u hier informatie over geven en voorbeelden laten zien.

Meestal is er na enkele maanden weer een goed herstel van de haargroei. Wanneer uw

haar weer aangroeit, kan het (vaak tijdelijk) verschil tonen met uw oorspronkelijke haar. Het kan anders zijn van kleur, sluiker zijn of juist meer slag hebben.

Benauwdheid

Een gevoel van lichte benauwdheid kan binnen enkele uren na toediening optreden.

Wat kunt u doen?

De klachten verdwijnen meestal weer snel zonder dat hier een behandeling voor nodig is.

Neem bij aanhoudende klachten contact op met uw oncoloog.

Huiduitslag

Huiduitslag komt voor bij ongeveer een kwart van de patiënten en kan gepaard gaan met jeuk. Huiduitslag en jeuk zijn gewoonlijk mild van aard.

Wat kunt u doen?

Behandel uw huid met zorg; gebruik een goede crème, bijvoorbeeld met vitamine E.

Vochtretentie

Gemcitabine kan leiden tot oedeem: het vasthouden van vocht in de weefsels. Dit uit zich in zwelling en een strak gevoel van handen, voeten of benen, en in gewichtstoename.

Wat kunt u doen?

Houd uw gewicht in de gaten. Neem, bij een toename van meer dan drie kilo in de dagen na de kuur, contact op met uw oncoloog.

Slaperigheid

Lichte tot matige slaperigheid kan optreden.

Wat kunt u doen?

Wees alert op deze bijwerking, neem in dit geval geen deel aan het verkeer en bedien geen machines.

Verandering van het ontlasting patroon

Diarree of obstipatie kunnen (zelden) optreden.

Wat kunt u doen?

Houd uw ontlastingspatroon in de gaten. Raadpleeg uw oncoloog als diarreeklachten langer dan 48 uur aanhouden of als u langer dan 4 dagen geen ontlasting heeft gehad.

Gevoelige mondholte

De eerste symptomen zijn een droge, gevoelige mond en rood mondslijmvlies. Het tandvlees en slijmvlies kan door de verminderde afweer gaan ontsteken en er kunnen blaartjes ontstaan. U kunt een droge mond krijgen door verminderde speekselproductie en de kans op cariës neemt toe. Er kunnen kloofjes ontstaan in de lippen en mondhoeken. Het eten kan hierdoor bemoeilijkt worden.

Wat kunt u doen?

  • Verzorg de mond na iedere maaltijd. Gebruik een zachte tandenborstel, tandpasta met fluoride en houten tandenstokers. Ga voorzichtig met het tandvlees om.
  • Verwijder éénmaal daags zorgvuldig alle tandplak, ook uit de ruimten tussen de tanden.
  • Verzorg ook het mondslijmvlies door de mond krachtig te spoelen en te gorgelen met een zoutoplossing (1 afgestreken theelepel zout op een grote mok water) of kamilleoplossing.
  • Moet u naar de tandarts, vertel dan dat u een behandeling met chemotherapie ondergaat. Dit kan betekenen dat sommige tandheelkundige ingrepen beter even kunnen wachten.Heeft u een kunstgebit, dan is het belangrijk dit ook schoon te maken en het bij het spoelen uit te doen, zodat de hele mond goed schoon wordt.
  • Voorkom kloofjes door de lippen en mondhoeken vet te houden.

Vermoeidheid

Ernstige vermoeidheid kan een vervelend gevolg zijn van de chemotherapie. Tot voor kort werd vaak geadviseerd het rustig aan te doen tijdens de chemotherapie en vooral niet inspannend bezig te zijn. Uit onderzoek is nu gebleken dat dit rustig aan doen ernstige vermoeidheid niet kan voorkomen.

Er is zelfs aangetoond dat bewegen tijdens de chemotherapie vermoeidheid beperkt en een positieve invloed heeft op het lichamelijke en emotioneel functioneren. Het advies is dus niet rust, maar juist bewegen. Met bewegen wordt niet intensief sporten bedoeld maar lopen, fietsen, zwemmen, etc. Het is belangrijk te streven naar ongeveer 2,5 uur per week lichamelijk actief te zijn, bijvoorbeeld elke dag 20-30 minuten in eigen tempo. Voor iemand die al voldoet aan de streefwaarde is het advies om dit tijdens de chemotherapie ook zo lang mogelijk vol te houden.

Effect op seksualiteit en vruchtbaarheid

Vrouwen: menstruatie kan van slag raken. Dit kan variëren van een keer overslaan tot helemaal wegblijven. Langer bloedverlies dan normaal komt ook voor. Bij vrouwen ouder dan veertig jaar kan de menstruatie definitief wegblijven.

Soms doen zich overgangsklachten voor, zoals opvliegers. Ook kunnen vrouwen last hebben van een droge vagina, doordat de slijmvliezen worden aangetast.

Wat kunt u doen?

  • In geval van pijn bij het vrijen zijn er bij de drogist verschillende middelen in de handel ter bevochtiging van het vaginaslijmvlies.
  • Voor zowel mannen als vrouwen: het is normaal dat door vermoeidheid tijdens de behandeling, behoefte aan geslachts-gemeenschap afneemt. Vermoeidheid kan tot lang na de behandeling aanhouden.
  • Goede anticonceptie is noodzakelijk omdat tijdens de behandeling zaad- en eicellen door de chemotherapie beschadigd worden. Overleg ‘pil’-gebruik met uw behandelend oncoloog.
  • Luister naar uw lichaam en forceer u niet.
  • Licht uw partner in.

Chemotherapie en uitscheidingsproducten

In uitscheidingsproducten komen meestal nog resten van de chemotherapie voor. Het gaat hier om urine, ontlasting, drain- en wondvocht en bloed.

Na een Gemcitabinekuur zijn er gedurende twee dagen resten chemotherapie aanwezig in de uitscheidingsproducten.

Wat kunt u doen?

Voorkom verspreiding van resten cytostatica in uitscheidingsproducten door spetteren of morsen.

  • Urine en ontlasting kunnen via het riool geloosd worden; u kunt dus gewoon het toilet gebruiken. Mannen wordt geadviseerd zittend te plassen.
  • Druppels kunt u met toiletpapier verwijderen.
  • Voordat u doortrekt dient u het deksel naar beneden te doen om spatten te voorkomen.
  • Als u na een kuur op de polikliniek voor vertrek naar het toilet wilt, dient u het toilet van de dagbehandeling te gebruiken.
  • Is er sprake van wondverzorging of incontinentie vraag dan de folder ‘Cytostatica en uitscheidingsproducten’.

Wanneer contact met Amsterdam UMC

Bij een kuur kunnen zich dus tal van ‘normale’ bijwerkingen voordoen. Deze kunnen vervelend zijn, maar vormen geen reden tot ongerustheid. Het is goed te weten dat de mate waarin de bijwerkingen optreden niets zegt over het uiteindelijk resultaat van de behandeling. Uiteraard staat u niet alleen. U kunt rekenen op de hulp en steun van het VU medisch centrum. Met vragen of problemen kunt u bij ons terecht. Doet zich iets ongewoons voor, dat u niet vertrouwt, aarzelt u dan niet om contact op te nemen met de afdeling Medische oncologie.

Neem in ieder geval contact op bij: koorts (temperatuur boven 38.5°C onder de oksel of 39°C met een oorthermometer gemeten) koude rillingen, spontane blauwe plekken, aanhoudend bloedverlies aanhoudende diarree of ontstoken mondslijmvlies. Ook bij elk ander nieuw verschijnsel waarvan u denkt dat het belangrijk kan zijn.

Telefoonnummers en openingstijden van de afdelingen vindt u in onze folder:

‘Instructies voor thuis en belangrijke contactgegevens’

amsterdamumc.nl/contactgegevensmedischeoncologie

Meer informatie

Als u meer wilt weten of in contact wilt komen met andere patiënten met kanker dan kunt u zich wenden tot de adressen die u vindt in het logboek en of onderstaande adressen.

SPKS – Stichting voor Patiënten met Kanker aan het Spijsverteringskanaal

p/a NFK - postbus 8152, 503 RD Utrecht

Stichting Longkanker p/a NFK - postbus 8152, 3503 RD Utrecht

Vereniging Waterloop, Voor blaas- en nierkankerpatienten

p/a NFK - postbus 8152, 3503 RD Utrecht

Stichting Olijf, netwerk van Vrouwen met gynaecologische kanker

Churchilllaan 11 (4e etage), 3527 GV Utrecht. Telefoon: 020 303 92 92

Borstkanker Vereniging Nederland (BVN) - Churchilllaan 11 8e etage, 3527 GV Utrecht

  • https://www.kanker.nl/verwijsgids

Hier vindt u oncologisch gespecialiseerde hulpverlenerss, bijvoorbeeld voor revalidatie.

Daarnaast kunt u onderstaande folders van de afdeling voorlichting van Amsterdam UMC en van KWF Kankerbestrijding in de wachtruimte vinden of bij de verpleging opvragen:

  • Alvleesklierkanker
  • Longkanker
  • Blaaskanker
  • Ovariumkanker
  • Borstkanker
  • Kanker van de weke delen
  • Kanker in de familie
  • Chemotherapie
  • Vermoeidheid na kanker
  • Verder leven met kanker
  • Voeding bij kanker
  • Look Good… Feel Better

Medicatie-innameschema

Anti-misselijkjheid

tijdstip

dosering

inname

dag

1; 8; 15

dag

2; 9; 16

dag

3; 10;17

dag

4; 11; 18

Ondansetron

voor kuur

8 mg

via de mond

of via infuus

X

Anti-emetica thuis

Metoclopramide

max.3x daags

zo nodig

1 tablet

van 10 mg

via de mond

X

X

X