Deze folder schetst een beeld van de behandeling met Avastin, Hoe gaat zoiets in zijn werk? Wat gebeurt er met uw lichaam? Wat zijn de bijwerkingen en hoe kunt u daar het best mee omgaan?

Waarom Avastin® (bevacizumab)?

Avastin® behoort tot de zogenaamde monoklonale antistoffen. Monoklonale antistoffen zijn eiwitten die buiten het lichaam zijn gemaakt. Ze herkennen andere eiwitten, zoals eiwitten op kankercellen. De werking van Avastin® is gericht tegen het eiwit VEGF (Vascular Endothelial Growth Factor), een groeifactor die van belang is bij het ontstaan van nieuwe bloedvaten.

Tumoren hebben bloedvaten nodig om te groeien. Uit de tumorcel komt onder andere VEGF vrij, een eiwit dat cellen die in de buurt van de tumor liggen aanzet tot het aanmaken van nieuwe bloedvaten. Dit proces heet angiogenese.

Er ontstaat zo, ten behoeve van de tumor een eigen’ bloedvatenstelsel waarmee voeding en zuurstof naar de tumor gevoerd wordt. Ook kunnen tumorcellen zich op den duur door deze nieuwe bloedvaten gaan verspreiden. Tumoren maken relatief veel VEGF waardoor en een continue angiogenese plaatsvindt.

Avastin® bindt zich aan VEGF waardoor dit zijn functie niet kan vervullen en voorkomt zo dat er nieuwe bloedvaten ontstaan. Ook normaliseert het de bestaande bloedvaten in de tumor.

Tevens heeft Avastin® invloed op de doorlaatbaarheid van de tumorvaten waardoor bijvoorbeeld chemotherapie beter in de tumor kan doordringen. Veelal wordt een behandeling met Avastin® gecombineerd met chemotherapie.

De kuur in de praktijk

Een uur voor de afspraak met de longarts (poli M-1e etage) laat u bloed afnemen op

de poli P-1e etage.

Avastin® wordt iedere 3 weken via een infuus in de ader toegediend. U gaat hiervoor naar de dagbehandeling poli W-4e etage.

De verpleegkundige brengt het infuus bij u in en verzorgt verder de toedoening. Voor en na de behandeling wordt bloeddruk gemeten. Avastin® loopt in 20 minuten in.

Bij afwijkende bloedwaarden, bloeddruk of bij andere klachten zijn die een bezwaar vormen voor de toediening van Avastin®, kan de longarts besluiten de kuur uit te stellen of aanvullende medicatie te geven.

Het aantal kuren dat toegediend wordt kan per patiënt verschillend zijn. Dit hangt samen met de wijze waarop men de medicatie verdraagt en de mate waarin het ziekteproces reageert op de therapie. Verdraagt u de behandeling goed en neemt het ziekteproces in omvang af of blijft het stabiel, dan zullen de kuren voortgezet worden.

Welke bijwerkingen kan Avastin® veroorzaken?

Avastin® veroorzaakt over het algemeen geen ernstige bijwerkingen. De meeste bijwerkingen komen tijdens of net na de eerste toediening voor en zijn tijdelijke aard.

Hoge bloeddruk

Door de invloed van Avastin® op de bloedvaten kan (tijdelijk) een verhoogde bloeddruk ontstaan. Daarom wordt uw bloeddruk bij toediening gecontroleerd.

Wat kunt u doen?

Een verhoogde bloeddruk geeft over het algemeen geen klachten. U kunt zelf geen invloed uitoefenen op uw, onder een behandeling met Avastin®, verhoogde bloeddruk. Zo nodig kan uw bloeddruk onder controle gehouden worden met bloeddruk verlagende medicatie.

Complicaties hij wondgenezing

De invloed van Avastin® op het aanmaken van nieuwe bloedvaten kan wondgenezing bemoeilijken. Daarom kan behandeling met Avastin® niet direct na een operatie plaatsvinden.

Wat kunt u doen?

Houd wondjes goed droog en schoon. Voorkom verwondingen, zoals blaren en schaafplekjes.

Meld nieuwe wonden meteen aan uw oncoloog. Ook wonden die al dicht waren weer opengaan

Bloeding of perforatie

Er bestaat een kleine maar verhoogde kans op een bloeding of perforatie in de tumor.

Wat kunt u doen?

Neem bij pijn in de buikstreek of bij rectaal bloedverlies direct contact op met uw oncoloog.

Trombose

Er bestaat een kleine kans op een trombose. Dit kan zich voordoen als een stolsel in de long (longembolie) of een stolsel in het been (trombosebeen). Bij een trombosebeen kan het been dik, rood en pijnlijk worden. De klachten die bij een longembolie kunnen optreden zijn kortademigheid en pijn bij de ademhaling.

Wat kunt u doen?

Neem bij deze klachten direct contact op met uw oncoloog.

Eiwit in de urine

Door een behandeling met Avastin® kan er eiwitverlies in de nieren ontstaan. Dit eiwitverlies blijft over het algemeen beperkt en u ondervindt hier geen klachten van.

Minder eetlust en misselijkheid

Een aantal mensen heeft minder trek tijdens de behandeling. Misselijkheid kan optreden.

Wat kunt u doen?

U kan een recept meekrijgen voor tabletten of zetpillen tegen misselijkheid.

Als u last van misselijkheid krijgt is het verstandig onderstaand schema te volgen, de misselijkheid is dan over het algemeen goed onder controle.

Dag 1 dag 2 en dag 3 neemt u zo nodig 3x per dag een tablet metoclopramide 10 mg in.

    • Als u de tabletten niet goed verdraagt, kunt u om zetpillen vragen.

Wanneer ondanks het volgen van dit schema de misselijkheid onvoldoende onder controle is, kan in overleg met uw oncoloog het beleid worden aangepast.

Bijwerkingen van de meditatie tegen misselijkheid

Metoclopramide (Primperan®) - metoclopramide heeft als belangrijkste bijwerking sufheid en vermoeidheid en heeft daardoor een negatieve invloed op uw rijvaardigheid!

Avastin® en uitscheidingsproducten

In uitscheidingsproducten (urine, ontlasting, drain- en wondvocht en ook bloed) kunnen nog geruime tijd resten medicatie voorkomen. Bij een behandeling met een monoklonale antilichaam zoals Avastin® behoeft u, in tegenstelling tot een behandeling met chemotherapie, geen maatregelen te nemen.

Wanneer contact met Amsterdam UMC?

Zoals gezegd wordt een behandeling met Avastin over het algemeen goed verdragen. Het is goed te weten dat de mate waarin de bijwerkingen optreden niets zegt over het uiteindelijk resultaat van de behandeling. Uiteraard staat u niet alleen. U kunt rekenen op de hulp en steun van Amsterdam UMC. Met vragen of problemen kunt u bij ons terecht. Doet zich iets ongewoons voor, dat u niet vertrouwt, aarzelt u dan niet om contact op te nemen met de afdeling Medische Oncologie.

Neem in ieder geval contact op bij:

  • rectaal bloedverlies
  • benauwdheid
  • buikpijn
  • een pijnlijk rood en/of dik been
  • pijn bij ademhalen
  • een wond die al dicht was weer opengaat.

Ook bij elk ander nieuw verschijnsel waarvan u denkt dat het belangrijk kan zijn is het verstandig om contact op te nemen.

Wie kunt u bellen als u contact moet opnemen of vragen heeft?

  • Longoncologie spreekuur - maandag t/m vrijdag – 8.00 – 9.00 uur

telefoon 06 257 208 23

e-mail longoncologieinfo@vumc.nl

  • Spoed overdag - telefoon 020 444 11 20
  • Spoed ’s avons, ’s nachts, weekend - telefoon 020 444 21 50